Vragen en antwoorden

Is er leven na de dood? Kunnen gedachten van Mensen de wereld veranderen? Waarom is er zoveel onrechtvaardigheid in de wereld? Hoe komt het dat iemand die ernstige misdrijven gepleegd heeft toch vrijuit kan gaan, hoeft hij nooit te boeten voor zijn daden? Hoe werkt het psychologische fenomeen van projectie? Hoe ontstaat een trauma? Wat is modern vampirisme? Hoe komt het dat Mensen soms sadistisch zijn en er behagen in scheppen een ander pijn te doen?

Een uitermate goede eigenschap van de Mens is zijn nieuwsgierigheid. Willen weten, willen ontdekken, willen ervaren. De vorm van deze eigenschap verandert vaak in de loop van een mensenleven (jongeren willen ervaren, volwassenen willen weten hoe het zit en begrijpen), maar de nieuwsgierigheid blijft.

Wanneer u onderstaande artikelen leest en herleest, geven ze u mogelijkerwijs antwoord op veel van bovenstaande vragen.

Psychologische Fenomenen

Destructionalisme of Vernietigingsdrang is de extreme en excessieve vorm van jaloezie. De wereld is een schatkamer aan diversiteit en reeds weldra zien mensen om zich heen en constateren: ‘Hé, wat hij heeft… dat wil ik ook!’
Het blijkt niet altijd zo makkelijk te krijgen wat een ander heeft of wat men zelf wil.
Haatdragende mensen kunnen dit niet verkroppen en komen om deze reden tot destructionalisme. Wanneer zij een ander zien die iets heeft wat zij niet hebben maar wel willen hebben en tevens inschatten dat de kans dat ze dit zullen verkrijgen bijzonder klein is, dan ervaren zij een innerlijke pijn die gevoelsmatig te groot voor hen is. Om hun eigen lijden te verzachten willen zij datgene wat zij eigenlijk begeren (wat die ander heeft) kapotmaken.
Het spreekt vanzelf dat destructionalisten voor die andere mens verfoeilijke wezens zijn. Vaak hebben zijzelf met veel moeite datgene wat de excessieve jaloezie opwekt, opgebouwd en wanneer een ander dat dan vernietigen wil, is hun smart groot.
Destructionalisten kunnen bijzonder hardnekkig zijn in hun vernietigingsdrang; zij zijn vaak te vergelijken met Kwelgeesten (zie onder Sprookjeswezens).
Het begeerde object hoeft overigens geen materie te zijn: het kan net zo goed gaan om een schitterend huis of een prachtige auto als om een bijzonder talent, een liefdevolle relatie of een fijn, warm, en huiselijk geluk kennend gezin.
Destructionalisten zijn zelden voor verbetering vatbaar.

Dumpen of Emotioneel Dumpen is het stallen van emotionele vuilnis bij een ander. Het komt het meeste voor dat volwassenen emotioneel dumpen bij kinderen. Het is ook mogelijk emotioneel te dumpen bij een volwassene, maar die moet hiertoe wel een (onbewuste) ingang of opening hebben. Een emotioneel gezonde volwassene heeft die niet. Het spreekt voor zich dat slachtoffers van emotionele dumping zich ongelofelijk miserabel kunnen voelen. Ze zitten opgescheept met allerlei negatieve gevoelens als schuld, woede, verdriet en frustratie {emotionele vuilnis} zonder dat ze van zichzelf schuldig zijn of daadwerkelijk boos. Er bestaat wel een eigen boosheid van het slachtoffer, namelijk die op de dumper.
Slachtoffers van emotionele dumping mislukken meestal in het leven, of bereiken toch enkele normale dingen, maar niet dan na de allergrootste moeite.
Het zoeken naar een zondebok is ook een vorm van emotionele dumping.
Emotionele dumping kwam vroeger erg veel voor. Wanneer iemand publiekelijk terechtgesteld werd of aan de schandpaal werd genageld ten overstaan van een groot en luid joelend publiek, was het echt niet altijd zo dat men overtuigd was van zijn schuld. Maar men had af en toe een object (persoon) nodig om uit te kunnen schelden, te kunnen haten en de schuld te kunnen geven van alles wat er misging in het eigen leven.

Emotionele deplacering lijkt op projectie, maar is niet hetzelfde. Bij projectie gaat het om het projecteren van negatieve (ongewenste) eigen karaktereigenschappen op een ander. Daarom wordt projectie ook wel inversie (omkering) genoemd. Bij emotionele deplacering gaat het om het verplaatsen van gevoelens die men eigenlijk voelt voor persoon A naar persoon B, die niets met deze gevoelens vandoen heeft en ze ook nooit veroorzaakt heeft.
Een voorbeeld van projectie:
Een man is ongeduldig en agressief van aard. Hij ziet dat niet bij zichzelf (emotionele blinde vlek), maar hij projecteert deze eigen karaktereigenschap op zijn zoontje: hij ‘keert om’. In alles wat zijn zoontje doet, neemt hij boosheid, ongeduld en agressie waar. Maar in werkelijkheid is het zoontje kalm en placide en de man zelf ongeduldig en agressief.
Toelichting op projectie:
Projectie kan heel naar voelen, maar het is dikwijls een onontkoombaar en natuurlijk fenomeen. Een man die fulltime werkt, heeft dikwijls niet de ruimte om uitgebreid aan zijn emotionele leven te werken. Wanneer hij dan zijn zoontje met zijn emotionele problematiek opzadelt, wordt dit als het ware het emotionele huiswerk voor het kind.
Een voorbeeld van emotionele deplacering:
Een vrouw werd als kind door haar vader (persoon A) seksueel misbruikt. Dit feit wordt door de familie ontkend en ook het meisje zelf heeft het verdrongen. Het gevolg is dat de vrouw naar haar vader toe beleefd en respectvol is. Zij krijgt echter ook vrienden en minnaars (personen B) en op die geeft zij voortdurend af: de een is in de ogen van de vrouw nog kwalijker en seksbeluster dan de ander. De vrouw lijdt aan emotionele deplacering.
Nog een voorbeeld van emotionele deplacering:
Wanneer een kind een zeer autoritaire vader (persoon A) heeft die geen enkele tegenspraak duldt, dan zal het die vader gaan haten. Maar de autoritaire vader wenst niet emotioneel aanwezig te zijn voor deze haat: als hij ermee geconfronteerd wordt, reageert hij dermate agressief dat het voor het kind te bedreigend is om met zijn gevoel van haat naar de correcte persoon (in dit geval de vader) te gaan. Dan kan het kind –omdat de Natuur hem dwingt in contact te blijven met zijn haatgevoelens tot hij deze op een natuurlijke manier heeft weten af te bouwen- de haatgevoelens die hij eigenlijk voelt voor zijn vader (persoon A), gaan projecteren op bijvoorbeeld een leerkracht (persoon B), in de veronderstelling of wetenschap dat die vriendelijker en gepaster zal reageren. Het kind lijdt aan emotionele deplacering.
Het is duidelijk dat emotionele deplacering voor persoon B (de leerkracht in dit voorbeeld) heel erg naar kan voelen, want het is juist diens vriendelijkheid die de haat van het kind naar hem toe doet trekken.
Toelichting op emotionele deplacering:
Emotionele deplacering vindt haar oorsprong in het feit dat de Natuur een mens dwingt tot het in contact blijven met heftige negatieve gevoelens, tot een natuurlijke manier van heling is gevonden. Wanneer het niet mogelijk is de negatieve gevoelens te voelen bij de juiste persoon (bijvoorbeeld omdat die te agressief en bedreigend reageert), dan valt een mens een stap terug, en gaat hij deze gevoelens voelen bij een ander persoon. De Natuur dwingt een mens altijd tot het in contact blijven met heftige negatieve gevoelens, tot men een natuurlijke vorm van heling gevonden heeft.

Nieuwe Sprookjes is van mening dat gedachten een belangrijke kracht vormen en een wezensdeel uitmaken van het universum. Nieuwe Sprookjes is niet van mening dat gedachten kunnen materialiseren zonder handeling. Er zijn hierop wel uitzonderingen overigens (zie onderaan).
Zo kan iemand dromen van een eigen zaak; deze gedachten zijn waardevol en nuttig in de vormende fase, maar het eigen bedrijf zal er pas komen wanneer de ondernemer in spe actie gaat ondernemen en allerlei concrete handelingen gaat verrichten.
Zo ook in de liefde: een adolescent kan verliefd raken op een jonge vrouw. Hij kan over haar gaan fantaseren en over haar gaan dromen (beide zijn geïdealiseerde vormen van denken). Maar het zal niet door zijn gedachten tot een relatie of een huwelijk komen. Hiertoe zal hij haar concreet moeten vragen. Deze handeling (het ‘vragen’) kan echter wel heel erg moeilijk of juist relatief soepel verlopen al naar gelang de voorbereidende gedachte-fase van de jongeman.
Nieuwe Sprookjes is tevens van mening dat niet alleen geen handeling maar ook geen gedachte van een mens zonder consequenties is. Haatgedachten snijden in in de eigen mentale en dientengevolge soms ook fysieke gezondheid; vriendelijke gedachten hebben positieve effecten op het geestesleven en het welbevinden van een mens.
Common sense blijft hierbij wel geboden natuurlijk. Wanneer iemand op straat overvallen en beroofd wordt, dan is het geen teken van mentale gezondheid van het slachtoffer om vriendelijk over de dader te denken. Wel kan hij zijn eigen aantrekking verbeteren en in een andere –betere- emotionele wereld terechtkomen, waarin hij niet meer met zulke overvallen te maken zal krijgen. Vanuit dit nieuw bereikte level, kan hij ook de dader en zijn gebrekkigheid zien en zal hij diens daad na de nodige tijd en na emotionele groei makkelijker kunnen accepteren.
De uitzonderingen op de regel dat gedachtekracht niet leidt tot concrete gebeurtenissen zonder tussenkomst van actie (handeling) vindt u onder Metafysische Fenomenen/Gerechtigheid in Metafysische Zin: voorbeeld 1 (het voorbeeld van de man die op straat overvallen wordt) en voorbeeld 2 (het voorbeeld van de graaf).

Gaan de horrorfilms met oude vampieren zoals Graaf Dracula en vergelijkbare individuen over het uitzuigen en opdrinken van iemands bloed om te overleven, vandaag de dag kennen wij moderne vampieren. Dit zijn mensen die iemand ‘gezellig’ een avondje komen bezoeken, maar hem achterlaten met een merkwaardig en ondefinieerbaar gevoel van leegheid en lusteloosheid. Na het bezoek van zo iemand kan een mens opvallende fysieke reacties vertonen: men kan opeens enorm veel zin in een borrel krijgen, of een onbedwingbare lust om een hele zak chips leeg te eten (terwijl men tijdens de aanwezigheid van de gast geen zin in drank noch eetlust voelde).
Er heeft een energetische verschuiving plaatsgevonden tijdens dit avondje, en daardoor is de gast emotioneel gevuld en in goeden doen terwijl de gastheer of gastvrouw zich bleekjes en futloos aan het herstellen is.
Wanneer wij een vergelijking met het altijd makkelijker te begrijpen fysieke vlak zouden trekken, dan kan men zich voorstellen dat de gastheer een prachtige tafel met lekkere hapjes toebereidde, en dat de gast alles opvrat, zonder ook maar een kruimel voor zijn gastheer over te laten.

Er zijn verschillende niveaus (levels) van leven in onze wereld, te weten fysieke niveaus, mentale niveaus en emotionele niveaus.
Fysieke niveaus van leven gaan over zaken als genoeg te eten en te drinken hebben, een huis of woning hebben, een verwarming in de winter enzovoort. Fysieke niveaus kunnen uitgebreid en verfijnd worden, zo kan iemand biologisch willen eten omdat hij meent dat dit zijn fysieke gestel goed zal doen. Of iemand kan alleen de beste kwaliteit vlees willen kopen of juist vegetarisch of veganistisch willen eten.
Op het fysieke niveau kan men ook zijn lichaam willen verzorgen, bijvoorbeeld door massages te hebben of wellnesscentra te bezoeken.
Mentale niveaus gaan over ‘het geluk van de geest’. Dit zijn de levels die gaan over intelligentie, over studie, over het ontwikkelen van een heldere, scherpe en snelle geest. Dit kan iemand veel plezier bereiden. Iemand die intelligent is en zich bekwaamt in zijn vak of wetenschap, kan hierdoor voldoening ervaren en vreugde. Hieraan raken ook talenten. Mensen kunnen talent hebben voor muziek, voor rekenkunst of op andere terreinen. De verdere ontwikkeling van het eigen talent kan veel vreugde geven.
Emotionele niveaus gaan over hoe iemand zich voelt over zijn fysieke en mentale niveau. Een mens kan in relatief slechte fysieke omstandigheden leven of weinig te eten hebben, maar toch vreugdevol zijn. Dit kan komen door de aanwezigheid van anderen die hetzelfde leed moeten dragen (sociale coherentie), maar het kan ook een product zijn van eigen emotionele kracht. In het oude China waren er veel voorbeelden te vinden van taoïstische monniken die in armoede en zonder enige vorm van comfort leefden en toch vrolijk zongen en op de luit speelden.
Iemand kan op het fysieke level zeer goed scoren, een kast van een huis bewonen, zeer vermogend zijn en verschillende auto’s bezitten, maar toch humeurig, somber en ontevreden zijn.
Vroeger werd gedacht dat het fysieke level alleenzaligmakend was. Dat dit niet zo is, is gebleken uit onderzoek naar het levensgeluk van winnaars van grote geldprijzen. Zij waren na hun winst ongelukkiger dan voorheen. Formats vielen weg –ze hoefden opeens niet meer te werken-, en ze kregen te maken met zaken waar ze niet op een natuurlijke manier naartoe gegroeid waren. Zo kochten ze een groot huis en een of meer dure auto’s, zonder dat ze het bijbehorende emotionele level hadden bereikt. Hierdoor ontstond een schrijnende situatie die veel emotionele pijn opleverde.
Mensen die een fysiek level bereiken waar ze emotioneel niet aan toe zijn, raken dit fysieke level doorgaans weer kwijt: ze blijken niet in staat het te behouden. Wanneer een mens een fysiek level dat hij op het emotionele niveau niet bereikt heeft geforceerd volhoudt, zal dit ten koste gaan van zijn levensgeluk.

Er is 1 wereld, maar er zijn zoveel percepties van die wereld als er mensen zijn. Perceptie of waarneming gaat over hoe een individu de werkelijkheid om hem heen waarneemt. In de metafysica houdt men zich bezig met alles wat niet zintuigelijk waarneembaar is: fenomenen als God en ‘Is er leven na de dood?’. Een metafysische vraag is ook of er een werkelijkheid bestaat zonder waarneming (zie Metafysische Fenomenen).
Hier is het van belang om zich te realiseren dat er evenzoveel realiteiten bestaan als waarnemers. Hoewel de meeste mensen zich wel in een bepaald gedachtegoed kunnen vinden en er wel een doorsnee-realiteit is, blijven er toch onnoemelijk veel nuances over, die mensen op een verschillende manier percipiëren en interpreteren.

Emotioneel Sadisme is het pijn doen aan een ander en hier plezier aan beleven. Lichte vormen hiervan zijn vrij aardig geaccepteerd in de maatschappij. Het gaat dan om leedvermaak, iemand een poets bakken, iemand in de maling nemen of een geintje met iemand uithalen. Dit levert veel hilariteit op onder de dader(s) en boosheid, gekwetstheid of irritatie bij het slachtoffer. Soms lacht het slachtoffer maar mee, niet uit eigen gevoel maar meer omdat dit nog de beste uitweg schijnt.
Ernstige vormen hiervan worden door Nieuwe Sprookjes Emotioneel Sadisme genoemd. Dit betekent het moedwillig plannen beramen om iemands leven tot een hel te maken, te zien dat het slachtoffer hierdoor mentaal, emotioneel en uiteindelijk ook fysiek achteruitgaat, en hier echt van genieten.
Voor het slachtoffer zijn de geraffineerde treiter- en pestspelletjes vaak hard en zwaar, maar het lijkt nog erger te zijn om te moeten constateren dat de dader(s) daadwerkelijk geniet(en) van de pijn die het slachtoffer wordt gedaan.
De waarheid ligt vaak iets dieper en de onthulling hiervan verschaft wel troost voor de lijdende. Sadisten hebben hun eigen emotionele pijn weggesloten (dat is ze soms als kind al geleerd), maar de Natuur gebiedt een Mens in contact te blijven met zijn pijn tot een vorm van heling gevonden is. Wanneer iemand niet bij zijn eigen pijn kan, vervalt hij tot een surrogaat: de pijn van een ander. Het niet kunnen voelen van eigen negatieve gevoelens als boosheid, angst, haat en frustratie veroorzaakt dat iemand in een emotionele hel leeft. Wanneer dan na langdurig sarren het slachtoffer woedend uitvalt of gaat huilen, geeft dit een diep gevoel van bevrediging voor de sadist. Maar dit gevoel heeft in wezen niets vandoen met het slachtoffer: het is de satisfactie die de sadist ervaart (de opluchting) dat hij eventjes in contact is met een surrogaat van zijn eigen pijn, namelijk de pijn van het slachtoffer.

Zaken als seksueel misbruik en geweld tegen lijf en geest veroorzaken meestal trauma’s: emotionele wonden die vaak erg veel tijd vergen om te helen. Een trauma is een ervaring die een dermate diepe indruk achterlaat, dat die indruk en het erbij behorende gevoel beklijven, ook als de oorzaak weggenomen is.
Voorbeeld van een trauma:
Een jonge vrouw die op straat op een gewelddadige manier verkracht wordt, kan nog jaren later angsten ervaren op allerlei vlakken. Ze kan straatvrees ontwikkelen, maar het is ook mogelijk dat ze een seksfobie (angst voor seks) ontwikkelt. De oorspronkelijke oorzaak (de verkrachting) is dan al lang voorbij, maar bij een trauma komt men niet zo makkelijk van de negatieve gevoelens die bij de oorzaak hoorden, af: de indruk was te groot, te incisief en te overweldigend.
Nog een voorbeeld van een trauma:
Een jongen wordt door zijn vader stelselmatig gekleineerd, terwijl zijn moeder overkritisch is. Het kind krijgt hierdoor het gevoel nooit goed genoeg te zijn en wordt bedeesd en bescheiden op een onnatuurlijke manier.
Wanneer de jongen dan een volwassen man wordt, zal hij mogelijkerwijs te slecht betaald werk voor zijn capaciteiten aannemen, hij zal makkelijk vatbaar zijn voor kritiek en een al te perfectionistische aanleg hebben.
Toelichting op trauma’s:
Hoe ernstig een trauma is, hangt af van 2 zaken:
1) de ernst en aard van de oorspronkelijke emotionele wond, en
2) de duur en frequentie van de oorspronkelijke emotionele wond.
Ad 1) een verkrachting die gepaard gaat met hevige geweldpleging zal een dieper en moeilijker te helen trauma veroorzaken dan een lichtere vorm van verkrachting.
Ad 2) Wanneer een kind langdurig (gedurende vele jaren) seksueel misbruikt wordt, zal dit negatieve consequenties hebben op de heling, ook al was de vorm van het misbruik licht.

Verdringing is een overlevingsmechanisme. Wanneer een kind met extreem negatieve gevoelens wordt opgezadeld -die ontstaan door zaken als seksueel misbruik, fysiek en/of verbaal geweld, eenzame opsluiting enzovoort-, dan zal dit te veel zijn voor het kind. Het kind zal wel woede en frustratie voelen, maar intuïtief ook aanvoelen dat deze gevoelens op een niet-fysieke plek ‘gestald’ moeten worden. Dit proces verloopt bij het kind overigens onbewust: het gaat vanzelf.
Wanneer het kind dan volwassen wordt, dan gebiedt de Natuur hem aan de slag te gaan met deze op een niet-fysieke opslagplaats gestalde gevoelens. De jongvolwassene zal dit ervaren als hoogst onaangenaam, want hij krijgt te maken met bijvoorbeeld depressie en lusteloosheid, gebrek aan emotionele capaciteit (te weinig levenskracht om te kunnen werken of een gezin te stichten); soms ook wordt de jongvolwassene agressief en/of crimineel.

Zombie-isme is een psychologisch-emotioneel fenomeen dat in zuivere vorm erg weinig voorkomt. Het lijkt enigszins op stalken (belagen), maar het is de extreme vorm hiervan.
Om te kunnen begrijpen hoe zombie-isme ontstaat, moet men het volgende beseffen.
Een kind leert emoties op grond van het emotionele leven van zijn ouders: hij ent zijn emoties hierop. Wanneer een klein kind bijvoorbeeld zonder te kijken de straat oversteekt, dan zal zijn vader of moeder het bij de arm grijpen en toeroepen: “Kijk uit! Dat is levensgevaarlijk wat je doet!”
Het is zeer wel mogelijk dat het kind in huilen uitbarst, maar het heeft wel een onvoorstelbaar belangrijke levensles geleerd.
Het kind is onbevangen -een onbeschreven blad-, het heeft nog niet de correcte/gepaste emoties bij elk moment. De ouder schrikt zich wezenloos als hij zijn kind zonder te kijken ziet oversteken. Deze normale ouderlijke schrikreactie raakt verankerd in het kind. Zo leert het kind angst en schrik en dat zijn weliswaar geen aangename emoties, maar wel zeer nuttige.
Nu komt het sporadisch voor dat een kind emotioneel verwaarloosd wordt. Men kan zich –ter verduidelijking van het bovenstaande: als voorbeeld- een gescheiden vader voorstellen die zijn zoon het weekend heeft, zijn ex-vrouw heeft hem door de week. De vader heeft geen zin in zijn zoon, hij negeert hem, hij onderneemt niets met hem, hij stelt geen vragen aan hem, maar hij gaat in zijn eentje tv-kijken.
Vanuit psychologisch opzicht is het voor het kind te prefereren dat zijn vader kwaad op hem is; dit is emotioneel minder erg dan desinteresse en negeren.
Dus zal het kind alles in het werk stellen om de aandacht van zijn vader te trekken: op positieve manieren (door hem schoolwerk of eigen tekeningen te laten zien) of –wanneer dit niet lukt- op negatieve: door hem het leven zuur te maken en te irriteren.
Wanneer de vader ook hier niet op reageert, kan de kiem voor zombie-isme in het kind worden gelegd. Wanneer het kind vatbaar is voor de ontwikkeling van deze kiem, dan zal hij een zombie-istische volwassene worden.
Dit is een afschuwelijk fenomeen, want het kind is een volwassene geworden zonder eigen emotioneel leven. Hij is vanbinnen leeg en doods –als een zombie- en hij zal trachten te overleven door naar anderen te kijken en als het ware in de huid van die ander te willen kruipen. Het is de extreme vorm van stalking.
Omdat een zombie-ist niet kan overleven zonder de gevoelens van anderen, zal hij alle middelen te baat grijpen om die emoties zichtbaar te krijgen en te accentueren of te vergroten, zodat ook hij hiervan kan leven.
De zombie-ist is niet in staat angst te voelen, want zijn ouders waren nooit bang om hem, hij liet hen koud. Dus zal hij trachten een persoon in zijn omgeving bang te maken, als een surrogaat voor zijn eigen angst. De zombie-ist heeft geen contact met zijn eigen verdriet, dus zal hij trachten een ander verdrietig te maken, zodat hij toch nog iets van verdriet kan voelen.
Alle normale gevoelens –gedifferentieerd en verschillend per gezin- werden de zombie-ist als kind onthouden. Normen en waarden en al de hierbij behorende gevoelens heeft hij nooit geleerd. Iedere ouder heeft opvattingen en meningen en zaken waar hij sterke gevoelens bij heeft. Dit is de leerschool voor het kind. Of het kind het er altijd mee eens is, doet niet zozeer ter zake; het kan dat als volwassene gaan uitzoeken en gaan schiften om vervolgens zijn eigen gang te gaan. Maar het kind heeft wel een emotioneel houvast, een format.
De zombie-ist niet, daarom zal die blijvend proberen te leven via het gevoelsleven van anderen.
Zombie-isten kunnen soms verschrikkelijke misdrijven plegen. Door de lege troosteloosheid van hun eigen bestaan hebben zij dikwijls een vehemente doodswens. Maar zij komen niet bij deze eigen emotie, zij vinden geen contact met deze eigen emotie omdat zij geen eigen emotioneel leven hebben kunnen ontwikkelen; daarom komt het voor dat de zombie-ist een moord pleegt, als surrogaat-uiting van dit eigen gevoel.
Zo komt het dat zombie-isten vaak gevaarlijk zijn voor anderen; soms is hun gezelschap alleen maar naar en ongewenst (waarmee de zombie-ist zijn eigen verleden ongewild bevestigt), soms ook worden zombie-isten verkrachters en moordenaars.

Metafysische Fenomenen

De metafysica houdt zich bezig met alles waar de fysica (natuurkunde) het antwoord op schuldig moet blijven. Het gaat hier om al die dingen die wel bestaan maar waar wij geen verklaring voor hebben, en het gaat tevens om zaken waarvan veel mensen vermoeden dat die bestaan, maar waarvoor geen bewijs geleverd kan worden. Metafysica wordt ook wel omschreven als ‘de leer van het bovenzinnelijke’ of ‘de leer van alles wat niet zintuigelijk kan worden waargenomen noch verklaard’. Het Griekse woord ‘meta’ betekent ‘achter’, ‘verder dan’, ‘buiten het bereik van’ en hiermee kijkt de metafysica dus naar alles wat buiten het bereik van de fysica ligt.
Concreet wordt hier gedoeld op verschijnselen (fenomenen) als geboorte en dood (wat gebeurt er na je dood?), op God, op de vraag of de werkelijkheid uitsluitend bestaat in de geest van de waarnemers of ook compleet onafhankelijk van zintuigelijke waarneming, of karma een reëel gegeven is (moet men in een volgend leven boeten voor slecht gedrag in dit leven, en andersom: profiteert men van zijn goede werk -dat heden ongezien blijft- in een volgend leven?), op het verschijnsel dat kunstenaars soms na hun dood enorm bekend worden terwijl zij bij leven geen enkele vorm van succes kenden (waarom lukte het Vincent van Gogh bij leven niet om meer dan slechts 1 schilderij voor een habbekrats te verkopen en waarom werd hij na zijn dood wereldberoemd en leverden doeken van hem meer dan 100 miljoen euro op?).
Ook vermoedens met betrekking tot het energetisch in verbinding staan van alles en iedereen met elkaar, over de mens als vibrationeel-energetisch wezen (in welke zienswijze de mens een geheel van trillingsfrequenties is, dat energetische golven als radiogolven uitzendt –meestal onbewust- waarmee hij dingen en mensen –gewenst en ongewenst- op zijn pad brengt/naar zich toetrekt).
De metafysica houdt zich eveneens bezig met de vraag waar talent vandaan komt en hoe en of het fenomeen wonderkinderen verklaard kan worden.
Tevens de vraag of toeval al dan niet bestaat, of dat het universum louter met wetmatigheden werkt. Voorts of de wensen die mensen formuleren vervuld worden of verdwijnen in het universum. Anders geformuleerd: verhoort God de gebeden, beden en smeekbeden van mensen of is Hij hier doof voor? En in een meer wetenschappelijke formulering: zijn vurige en intense wensen van mensen loze energie of werkt het universum hier wel degelijk mee?
Ten slotte nog de vraag of de gedachten van een mens, zijn handelingen enzovoort in energetisch-vibrationele zin eeuwig zijn of dat zij op een gegeven moment teloorgaan.
De metafysica wordt gezien als een stroming binnen de filosofie, hoewel er raakvlakken zijn met de kwantumfysica.
De eerste die zich met metafysica bezighield was de Griekse filosoof Aristoteles.
Van hem stamt het aforisme: ‘Wijsheid begint bij verwondering’. Ook beroemd werd zijn uitspraak: ‘Het geheel is meer dan de som der delen’. Een parafrase van een andere uitspraak van hem luidt: ‘Dat men zich intensief bezighoudt met nieuwe en onbekende informatie, betekent niet dat men deze ook gelijk onderschrijft’.

Chi –ook gespeld als qi- is een uit het Chinees afkomstig begrip dat niet-fysieke energie aanduidt. Er is kosmisch chi, algemeen chi en persoonlijk chi.
Kosmisch chi:
Kosmisch chi is de niet-zichtbare energie die door het universum stroomt. Kosmisch chi wordt gezien als een eigen, niet-fysieke kracht van het universum die ontvankelijk is voor algemeen en persoonlijk chi van mensen waardoor interactie plaatsvindt tussen kosmisch chi en algemeen en persoonlijk chi.
Algemeen chi:
Algemeen chi is de verzamelplaats van de gedachten, geloven, de haat en frustraties, de wensen en positieve verwachtingen van alle mensen. Kortom: alle energie die van mensen afkomstig is maar niet zintuigelijk waarneembaar is, valt onder algemeen chi.
Persoonlijk chi:
Persoonlijk chi is de verzamelplaats van de gedachten en geloven van 1 specifiek mens. Het is de niet-fysieke verzamelplaats van het gehele mentale en emotionele leven van een mens.
Interactie:
Tussen de verschillende chi’s vindt interactie plaats, vergelijkbaar met hoe e-mailen of sms’en werkt. Elke gedachte of wens die een mens –bewust of onbewust- formuleert, wordt opgenomen in zowel het algemeen als het kosmisch chi en brengt hier een minuscule energetische verandering teweeg. Deze energetische verandering kan groter worden naarmate de gedachte of wens intenser is of wanneer deze vaak herhaald wordt. Hierbij moet worden aangetekend dat intensiteit meer energetische verandering teweegbrengt dat herhaling. Een wens of gedachte die gepaard gaat met een felle en heftige emotie wordt door de kosmische en algemene chi hoger ingeschaald dat een doffe, toonloze, eindeloze en min of meer automatische herhaling van dezelfde wens.
Gedachten en het uitspreken van die gedachten (bijvoorbeeld als een mantra) liggen natuurlijk in elkaars verlengde; voor de chi is er geen verschil tussen een gedachte, de uitspraak (het zeggen) van die gedachte of het neerschrijven van die gedachte. Voor de chi wordt alles niet-fysiek. Inschaling vindt plaats op intensiteit.
Voor mensen is er een –dikwijls te- duidelijk onderscheid tussen gedachten en concrete handelingen die die gedachten uitvoeren. De chi werkt uitsluitend met intensiteit.

Is Dood dood of is er Leven na de Dood?
De opvatting van Nieuwe Sprookjes is dat Dood niet dood is. Het is een overgang naar een andere zijnstoestand waarin men louter geest (niet-fysiek chi) wordt. Men verliest zijn lichaam, want het lichaam van een mens vergaat langzaamaan na diens dood, of het kan bedoeld en gewild zeer snel vergaan (bij crematie), maar men verliest niet zijn geest.
De gangbare visie van (westerse) mensen om de Dood als iets definitiefs en als een onontkoombaar einde te zien, stamt van de verouderde zienswijze dat alles in materie te vatten is en als materie te benoemen valt: wat je kunt zien en pakken, dat is echt. Deze zienswijze gaat voorbij aan complete werelden die even reëel zijn, namelijk die der gedachten, die van de geest, die van de menselijke emoties en die van de wensen van mensen.
Omdat geest en lichaam een totaal verschillende weerstand kennen, is het mogelijk dat de geest van iemand na zijn dood tot vervulling komt. Materie (zoals het menselijk lichaam) verlangzaamt processen en houdt veel emotionele en mentale groei tegen. Men zit vast in zijn eigen verleden, in wat men geleerd heeft, in zijn opvattingen en (voor)oordelen en hoe graag goede mensen dit ook willen, vaak is het niet makkelijk om deze weerstand los te laten.
Einstein zei al: ‘De belangrijke problemen van vandaag kunnen wij niet oplossen met het denken dat ze creëerde.’ Geparafraseerd: ‘De oplossingen die wij wensen en de vooruitgang die wij begeren, houden wij zelf tegen doordat wij niet zo makkelijk een nieuwe en andere manier van denken en voelen vinden dan die welke wij gewend zijn.’
Zo bezien is de Dood niet het tragische einde van een waardevol mensenleven, maar de geestelijke vervulling van en bekroning op diens leven. Tevens is de Dood een noodzakelijk rustpunt in een andere vibrationele dimensie en een voorbereiding op een samenbundeling van niet-fysiek chi die uitmondt in een nieuw leven.
Pythogaras meende al: ‘Vrees niet de Dood, want hij betekent slechts een verandering van woning.’

Veel mensen klagen openlijk over het gebrek aan gerechtigheid en rechtvaardigheid in de wereld. Anderen zijn stiller van aard, maar kunnen zich wel heel naar voelen door de vele vormen van onrecht die er bestaan.
Het wordt nog erger wanneer iemand voelt dat de onrechtvaardigheid in zijn eigen leven plaatsvindt. Bestaat er wel gerechtigheid? Of is dit een verschijnsel waar wij blijvend aan zullen moeten werken, zonder dat het ooit volledig gerealiseerd wordt, zodat wij genoegen moeten nemen met kleine resultaten?
Nieuwe Sprookjes is van mening dat gerechtigheid wel degelijk bestaat, maar vaak niet waarneembaar is voor mensen (omdat feitelijke informatie ontbreekt) en soms een grotere lijn volgt en metafysisch ingevuld wordt. Onderstaande voorbeelden verduidelijken deze thesen.
Voorbeeld 1 (onzichtbare gerechtigheid):
Een man wordt ’s nachts op straat overvallen en beroofd. De twee daders slaan hem ook nog op lafhartige wijze in elkaar; één dader is bijzonder actief in het mishandelen van de man, de tweede dader lacht het slachtoffer uit en bespot hem, ter zijde staand. Men kan de onmacht en de machteloze woede van het slachtoffer gemakkelijk meevoelen. De felheid van deze emotie van het slachtoffer is ongekend scherp en intens, want de man liep daar volledig onschuldig op straat, en moet nu –in elkaar gezakt- zijn bebloede hoofd betasten en kan slechts met de grootst mogelijke moeite op kan staan. De daders ziet hij de benen nemen.
De felle haat-emotie van het slachtoffer is als een bericht dat het universum in wordt gestuurd. Zo een these klinkt ons vandaag de dag niet zo vreemd meer in de oren, vertrouwd als wij inmiddels zijn met e-mail en sms. Deze boodschap –dit ‘gebed’- blijft niet onverhoord, dit is geen loze woedekreet en het universum (of zo men wil: God) werkt hier wel degelijk mee. Maar het probleem is dat het slachtoffer niet weet wat er verder met de daders gebeurt. Hij ziet ze ontsnappen, hij doet aangifte op het politiebureau en daarmee lijkt de kous af. De daders worden niet opgespoord.
Doch buiten het informatiebereik van het slachtoffer geschiedt het volgende: een der beide daders wordt een week later zelf overvallen en bewusteloos geslagen. De tweede dader wordt een maand later zijn huis uitgezet omdat hij zich aan woon- en bijstandsfraude bezondigde; hij leeft nu als dakloze en vindt geen vrienden onder andere zwervers: die bespotten hem en lachen hem uit, als ze hem al niet geheel en al links laten liggen.
Er is dus wel degelijk recht gedaan, alleen zonder dat het slachtoffer hier weet van heeft.
Voorbeeld 2 (metafysische gerechtigheid):
Een graaf die in de 18de eeuw leeft, is een beestachtige tiran voor zijn personeel. Hij misbruikt de vrouwen, vernedert en verkracht ze, laat het manlijke personeel martelen en sluit ze –wanneer hij daar maar zin in heeft- op in de kelder. Triest genoeg wordt deze despoot bijgestaan door een klein privéleger, een aantal mannen dat hem nooit in de steek laat en zelfs voor hem zou willen sterven.
Hoeveel stille kreten van machteloze woede zullen de personeelsleden wel niet geuit hebben? Hoe zeer zullen zij gewenst hebben dat híj eens in die positie terecht zou komen, dat híj machteloos zou zijn, en verkracht, geslagen en vernederd zou worden. Dan zou hij eens kunnen voelen hoe afgrijselijk het is wat hij anderen aandoet. De graaf had twintig personeelsleden en al deze personeelsleden baden hun leven lang tot God om wraak en genoegdoening, zij wilden dat deze tiran gestraft zou worden (en hiermee een les zou leren).
De personeelsleden stierven en uiteindelijk gaf ook de graaf de geest.
De graaf werd niet-fysieke energie, tot hij op een gegeven moment genoeg focus had bereikt om weer te materialiseren: hij werd opnieuw geboren, in een ander lichaam, en als een ander mens (zie het artikel over reïncarnatie). Hij was nu kind en er is geen machtelozere positie denkbaar in het leven dan deze. Zijn vader verkrachtte hem, sloot hem op in de kelder, vernederde hem en schold hem uit. Bij zijn moeder vond hij nauwelijks troost.
De beden van het personeel van de graaf werden hiermee verhoord.
Het kind groeit op en zijn levenspad is moeilijk: mensen haten hem om hem onduidelijke redenen en vrienden blijkt hij weinig te hebben. Dit kind wordt een volwassen man en krijgt in nachtmerries met flashbacks te maken. Hij ziet beelden van zichzelf als de tirannieke graaf die hij eens was en hij begrijpt dat hij een karmische schuld aan het afbetalen is. Hierdoor vindt hij meer vrede in zijn leven, en werkt aan zichzelf om een beter leven te bereiken.
Gepleegde misdaden waarvoor niet in het eigen leven geboet wordt, krijgen een zwaardere strafmaat mee voor een volgend leven. Alleen al emotioneel is het voor iemand die in een vorig leven ernstige delicten pleegde, maar in zijn actuele leven onschuldig en eerder vriendelijk en behulpzaam is, erg zwaar om te bevatten waarom mensen hem bijvoorbeeld treiteren, links laten liggen, in elkaar slaan en mishandelen. Hij heeft immers geen weet van zijn vorige leven als crimineel.
Het hoofd erbij houden (noot bij voorbeeld 2):
Het is van het grootste belang wel het hoofd erbij te houden en met beide benen op de grond te blijven staan, wanneer men leest over metafysische zaken als beschreven in het tweede voorbeeld.
Wanneer men bijvoorbeeld vermoedt dat er een gezin is waar een kind mishandeld of verkracht wordt, dan meldt men dit (desnoods anoniem) bij de politie of het meldpunt voor huiselijk geweld of kindermishandeling. Kinderen zelf kunnen altijd bellen met de kindertelefoon wanneer ze problemen ervaren waar ze niet uitkomen.
Zo ook wanneer men in familie of vriendenkring een volwassen vrouw heeft die verkracht wordt. Het meest nare en kwetsende wat men tegen haar kan zeggen (met name in de 1ste fase na de verkrachting) zijn frasen als: ‘Misschien heb je het zelf een beetje uitgelokt’ of ‘Waarschijnlijk was je een slecht mens in een vorig leven’.
In de 1ste fase van verwerking na een verkrachting kan men het beste meeleven en mee-lijden, een luisterend oor bieden en dankbaar zijn voor alles wat iemand überhaupt in staat is te vertellen over deze ervaring.
Pas in latere fasen van verwerking kan bij het slachtoffer zelf een gevoel ontstaan van ‘Waarom gebeurde dit nu juist mij? Talloze vrouwen lopen ’s avonds over straat, de meesten komen toch altijd ongedeerd thuis’. Dit zijn gevoelens die men absoluut moet laten ontstaan in het slachtoffer, men moet ze iemand nimmer willen ‘aanpraten’.
Maar het komt veelvuldig voor dat slachtoffers van een heftige en ingrijpende ervaring in het menselijk leven die een verkrachting nu eenmaal is, zelf op een manier reageren die men ook vindt bij mensen die getroffen worden door een zeer ernstige ziekte: zij worden contemplatiever, beginnen bewuster te worden over het (eigen) leven, denken meer na over dingen dan andere mensen en blijken vaak na verloop van tijd dankbaarder in het leven te staan dan andere mensen, omdat ze meer en bewuster leren genieten van dingen die wel goed gaan en gingen.
Slotnoot:
Bovenstaande voorbeelden stellen ons in staat om te begrijpen dat God niet grillig of sadistisch is (het universum evenmin), maar dat dingen die mensen meemaken soms dermate heftig zijn dat die echt niet in één mensenleven geheeld kunnen worden. Zaken als verkrachting en moord brengen in de geest en de ziel van het slachtoffer zulke hevige indrukken teweeg, dat er nog vele mensenlevens moeten volgen om dit alles emotioneel enigszins op orde te krijgen.

Nieuwe Sprookjes onderschrijft de boeddhistische wetten rond karma. Karma is afkomstig uit het boeddhisme, het betekent dat geen menselijke handeling ongezien en zonder gevolgen blijft. De gevolgen van de handelingen van een mens worden niet altijd zichtbaar in dit leven maar vaak voor een deel in een volgend leven. In die zin is er dus altijd gerechtigheid, want een crimineel mens die vreselijke misdaden op zijn geweten heeft maar nooit gepakt en gestraft werd bij leven, bouwt een zeer slecht karma op voor zijn volgend leven en zal dan alsnog moeten boeten voor zijn misdaden. Omgekeerd is het voor goede mensen ook geruststellend te weten dat hun goede daden wel gezien worden en niet zonder positieve consequenties blijven. Wanneer de resultaten niet in dit leven zichtbaar worden, weet men in ieder geval dat men een goed karma opbouwt voor zijn volgende leven.
Het denken in eindigheid en de uniciteit van het leven is typisch westers: men gelooft dat men 1 leven krijgt en het daarmee moet doen. Oosterse religies slaan soms door naar de andere kant en maken zichzelf belachelijk door te geloven dat een mens ook als mier of worm terug kan komen. Dit is niet mogelijk, want de energetische inhoud is te verschillend. Een mens kan ook niet terugkomen als een totaal ander mens want hiertoe zijn de energetische frequentieverschillen te groot. Men komt dus (vibrationeel-energetisch gesproken) terug als zichzelf, echter zonder dat men dit weet. Dit betekent natuurlijk niet dat men dezelfde mens met dezelfde naam wordt, maar men neemt wel zijn eigenschappen, talenten en de niet-fysieke vorm van zijn levens-werkzaamheden en vaardigheden mee. Tevens is het volgende leven gebaseerd op de wensen van het vorige. (zie ook: Vervulling van Wensen)

Een metafysische schuld (die ook wel een karmische schuld wordt genoemd) is een schuld die komt uit een vorig leven.
Achtergrond:
Iemand die crimineel is en anderen benadeelt en leed berokkent, komt vaak moeilijk tot zelfinzicht. De eigen emotionaliteit van een crimineel mens blokkeert dit tot op zekere hoogte. Het is noodzakelijk voor een mens om emotioneel in balans te zijn en iemand die slechte daden begaan heeft, kan emotioneel ‘omvallen’ wanneer hij dit aan zichzelf en aan anderen toegeeft. Dus volgt er ontkenning; dit is de reden dat het zo zelden voorkomt dat een crimineel schuld bekent en zijn slechte daden openlijk toegeeft.
Het valt te vergelijken met een alcoholist: ook hier vindt men dikwijls het probleem van ontkenning.
Metafysische schuld en boete:
Zo komt het voor dat een mens werkelijk op een dramatische manier gemeen, wreed en gewelddadig kan zijn tegenover anderen. Ook subtiele vormen van een ander leed berokkenen, kunnen –vaak door de langdurigheid van het praktiseren ervan- een slachtoffer veel pijn doen. Men kan hier denken aan iemand kleineren, zwartmaken, hem niet serieus nemen, iemands initiatieven steevast naar de prullenmand verwijzen, iemand op een kwaadaardige wijze corrigeren (niet om hem de helpende hand te bieden, maar om hem duidelijk te maken dat hij eigenlijk niet deugt want hij maakt fouten), iemand emotioneel chanteren door hem schuldgevoelens aan te praten, iemand emotioneel in de kou zetten of laten staan, de goede naam van een mens bezoedelen, iemand negeren of niet luisteren naar zijn kant van het verhaal… zo zijn er talloze manieren waarop een slecht mens een ander pijn kan doen en niet altijd wordt de slechterik gestraft.
Hij bouwt echter wel met zijn gedrag een slecht karma voor zijn volgende leven op en het is onnoemlijk veel zwaarder om voor een schuld pas in een volgend leven te moeten boeten. Men heeft immers geen weet van zijn vorig leven! Men wordt geboren als onschuldig kind en krijgt dingen op zijn levenspad die onbegrijpelijk zijn en in elk geval niet door hem geprovoceerd worden.
De zwaarte van metafysische schuld en boete zou ieder mens die wat op zijn kerfstok heeft, ertoe moeten bewegen om open kaart te spelen in dit leven, de waarheid te vertellen en zijn schuld in het actuele leven af te betalen of goed te maken. Hij zal hierdoor meer innerlijke rust vinden met zichzelf, in vrede kunnen sterven en zijn karma aanzienlijk hebben verbeterd.

Reïncarnatie is de opvatting en beschrijving van grote energetische cycli, waarin mensen, dieren, planten en astronomische verschijnselen als de zon en andere sterren min of meer vage (onbepaalde) niet-fysieke energie zijn, die de intentie heeft zich te bundelen door een sterke vorm van focus, hierdoor materialiseert (geboren wordt, ontstaat), leeft (in gematerialiseerde vorm aanwezig is), fysiek eindigt (afsterft, doodgaat) en na kortstondig een sterke samenbundeling van niet-fysieke energie te zijn, weer een meer vage en onbestemde niet-fysieke energie wordt.
Vibrationele energie is eeuwig en een mensenleven is cyclisch, hetgeen wil zeggen dat een mensenleven niet 1 begin en 1 einde heeft, maar onderstaand ritme volgt:
niet-fysiek persoonlijk chi (een staat van min of meer vaag, onbestemd en onbepaald zijn) --- energetische bundeling en focussering (wens en intentie om tot een concretere vorm van energetisch zijn te komen) --- fysieke wording (ontstaan, geboorte van een mens) --- leven (ervaringen opdoen, inzichten en kennis verwerven, je relateren tot anderen, wensen formuleren en voor een deel vervullen) --- sterven (doodgaan, fysiek eindigen, overgaan in een sterk gefocuste vorm van niet-fysiek persoonlijk chi) --- tijd van rijping, rust en stilte (niet-fysieke evaluering van het leven, registreren van onvervulde wensen, opslaan van informatie) --- overgang naar opnieuw een meer onbepaalde en onbestemde zijnstoestand waar het niet-fysiek persoonlijk chi vervaagt en meer deel uit gaat maken van de kosmische en algemene chi) --- wederom een energetische bundeling en focussering (de wens en intentie om weer te materialiseren teneinde onvervulde wensen te kunnen vervullen) --- wederom een fysieke wording (geboorte) enzovoort enzovoort.
Reïncarnatie verklaart een aantal fenomenen die anders tot ‘wonder’ bestempeld moeten worden. Muzikale wonderkinderen vallen hieronder, maar ook wiskundige genieën. Aan dergelijke wonderen gingen al levens vooraf, gevolgd door een niet-fysiek zijn in een andere dimensie (de dood), waarin energetische voltooiing, rijping en voorbereiding op een nieuw leven mogelijk werden.

Diepe en oprechte wensen van mensen worden voortdurend vervuld. Toch realiseert men zich dikwijls niet dat men in de vervulling van een eigen wens leeft, omdat dit minder prettig aanvoelt dan gedacht. De reële vervulling van een wens is -anders dan de wens zelf- concreet en echt, terwijl de wens zelf meer als een aangename droom of fantasie kan aanvoelen. De vervulling van een wens roept bovendien doorgaans weer zeer veel nieuwe wensen op.
Iemand die in honger leeft, zal maar één wens koesteren: genoeg te eten hebben. Wanneer die wens dan vervuld wordt, blijkt de nieuw ontstane realiteit een stuk minder ideaal en prettig dan de persoon dacht. Nu zijn wens vervuld is, ontstaat er ruimte voor allerlei andere problemen, voor emotionele ontwikkeling en vele zaken waar hij vroeger door zijn honger onmogelijk aan toe kon komen. Deze nieuwe problemen zijn complexer en voelen vaak nog naarder dan de meer eenvoudige en elementaire wens tot genoeg eten.
Metafysisch worden wensen ook vervuld. Zo kan een prinses die in de 18de eeuw leefde, één heel diepe en sterke wens hebben ontwikkeld, namelijk vrij en onafhankelijk te zijn, niet betutteld te worden door ouders en familie, zelf haar man te kunnen kiezen, en niet gelijk met de eerste man te hoeven trouwen met wie zij het bed deelde. Graag had zij alle comfort en luxe opgegeven wanneer haar wens tot vrijheid en onafhankelijkheid vervuld was.
Dan wordt deze prinses in 20ste eeuw (na een periode van niet fysiek-zijn die wij de dood noemen) opnieuw geboren als een ander mens, maar vibrationeel-energetisch wel volledig gerelateerd aan haar vroegere leven als prinses. Zij heeft nu een gewoon leven, kan als jongvolwassene een kleine eigen woning betrekken en is vrij in haar doen en laten. En zij haat haar leven. Zij mist comfort en luxe, zij mist sturing en autoriteit en zij lijkt volledig onmachtig om haar leven zelf gestalte te geven op een enigermate fatsoenlijke manier. Toch leeft zij in de vervulling van een diepe eigen wens. Uit dit voorbeeld blijkt dan ook duidelijk dat de wensfase (het dromen) makkelijk is in vergelijking met de realiteit die de vervulling van de wens is.